Een Travellerspoint blog

Het leven zoals het is...het jaar 1419 in Bangladesh.

sunny 31 °C

Je leest het goed: 1419.
Hier vieren we op 14 april nieuwjaar. Volgens de Bengaalse kalender leven we nu in het jaar 1419.
Voor alle officiële zaken is het hier, net als bij jullie, ook 2013, maar als er nieuwjaar gevierd wordt, dan gebeurt dat in hoofdzaak in april, deze keer om het jaar 1420 in te luiden... “Ons” nieuwjaar is hier niet zo populair.

Maar 1419 is zo gek nog niet. Toen ik vorige week zaterdag op fieldtrip ging naar Sathkira kon ik er mij in elk geval iets bij voorstellen...

Na een rit van 13 uren kwamen we ’s avonds laat aan in het stikdonkere Sathkira, warm verwelkomd door de fiere uitbaters van een splinternieuw guesthouse. Als we de bus uitstappen, zuigen we onze longen vol met...zuivere lucht! Heerlijk, na de zware Dhaka-dampen...
Na een fris nachtje, werden we wakker onder een loodgrijze hemel, en voelde ik iets wat ik hier niet had verwacht: brrrr, koud en zelfs een beetje regen!! (Blijkbaar heel uitzonderlijk, zo’n weertje deze tijd van het jaar.) Met een typisch Bengaals ontbijt (met een soort niet-zoete pannenkoekjes, een gebakken eitje en een groentencurry) achter de kiezen, startte de exposure visit.
We reden hobbel de bobbel (de wegen hebben hier zwaar afgezien na overstomingen) naar de organisatie waar één van de vrijwilligers al een hele tijd voor werkt. Het verwelkomingscomité stond ons al op te wachten met de typische “welcome-flowers”, ze gooiden goudsbloemblaadjes over ons hoofd en we kregen een lekkere misti (typisch zoet hapje van hier). Apetrots leidden ze ons rond in hun centrum, waar ze strijden voor de rechten en empowerment van de Bengaalse vrouw. De stichtster van Nakshikantha bracht ons haar verhaal:
De Bengaalse vrouw heeft heel weinig rechten. Bangladesh is een zeer uitgesproken patriarchale maatschappij, waarbij de man in alle opzichten meer rechten en mogelijkheden heeft dan de vrouw (betere en meer voeding, onderwijskansen, gaan werken, inspraak, ...). Eens een vrouw getrouwd is, mag ze haar huis bijna niet meer uit (of het is om eten te gaan kopen of water te halen): haar wereld wordt dus piepklein. De stichtster van Nakshikantha wou daar verandering in brengen en wou vrouwen aanmoedigen om naar buiten te komen en te tonen dat ook zij kunnen bijdragen aan de maatschappij, dat ook zij geld kunnen verdienen en mee hun familie kunnen ondersteunen, etc., zodat de status van de vrouw kan groeien. Vanuit dat idee is al de rest ontstaan. Nu geeft Nakshikantha dag in dag uit pc-training aan jonge vrouwen uit de wijde regio, zodat deze meer toegang krijgen tot informatie allerhande, ze trainen vrouwen in ‘handicrafts’ en hoe die aan de markt te brengen, en proberen de meisjes uit de dorpen zoveel mogelijk te betrekken bij de Youth Clubs zodat ook zij hun stem kunnen laten horen.

We gaan met z’n allen op bezoek bij één van deze Youth Clubs, in een dorp in de buurt. Ook daar worden we enthousiast onthaald, met een regen aan goudsbloemblaadjes en opgetogen gezichtjes. Als we binnen zitten de Youth Club wordt er langs alle hoekjes en gaatjes binnengegluurd: iedereen wil een glimp opvangen van die bideSi (vreemdelingen). De jongeren leggen ons uit hoe ze te werk gaan, en blijven vertellen hoe trots ze zijn dat wij van zo ver zijn gekomen, speciaal om hen en hun werk te zien, dat hen dat kracht en goesting geeft om verder te gaan: als wij het zo belangrijk vinden dat we van zo ver komen naar hen, dan moet het wel goed zijn wat ze doen. Tussendoor hoor je buiten de koeien loeien, geitjes mekkeren en kippen tokken. Heerlijk!
De huisjes zijn heel basic, klein, met kleien muren en een dak van stro. De dieren lopen los rond door het dorp. Het is er stil en heel afgelegen.

Lunchen doen we in een dorp waar een andere vrijwilligster aan het werk is, in hun Adolescent Resource Center (trainings- en informatiecentrum voor de jeugd). Opnieuw staan de jongeren ons vol spanning op te wachten, bestrooien ons met bloemblaadjes en vertrappelen elkaar bijna uit enthousiasme om ons een een bloempje (deze keer 2 goudsbloempjes) te overhandigen. Ze vinden het ook heel leuk om te bekijken hoe wij onhandig met onze handen zitten te smikkelen...
Onze volgende stop is een ander dorp waar Carolien samen met een Youth Club werkt. Een massa dorpsbewoners staat ons al op te wachten. De hele stoet (die steeds maar blijft aanzwellen) volgt ons naar de waterpomp die in het dorp is geïnstalleerd om het water uit een naburige plas te zuiveren, zodat iedereen toegang heeft tot zuiver drinkwater. Eén van de adolescente meisjes legt uit hoe ze met de Youth Club de verantwoordelijkheid nemen om de pomp en het filtersysteem geregeld helemaal schoon te maken, zodat de pomp goed blijft werken. Overal zijn mensen en oogjes die ons aanstaren. Ook enkele vrouwen zijn hun huis uit gekomen, maar – zo vertelt Liesbeth me later, geïnformeerd door één van de nationale vrijwilligers – zij wenden hun blik af als we passeren: deze vrouwen schamen zich omdat wij van de andere kant van de wereld naar hun dorp zijn gekomen om te zien wat ze doen, terwijl zij amper hun huis uit (mogen) komen...
We krijgen nog een misti in het Youth Club lokaal, opnieuw omringd door binnenglurende mensen en veel lawaai, en ronden af met een bedanking in de “court yard” van het dorp.

Moe maar voldaan keren we terug naar de guesthouse voor ons avondmaal, enthousiast gebracht door de jonge uitbaters. Ze vormen samen trouwens een bijzonder grappig duo: met heel beperkt Engels blijven ze maar vragen of we tevreden zijn, en kunnen hun geluk niet op als we dat bevestigen. “Thank you, thank you”, blijven ze zeggen, en ’s avonds laat komen ze nog eens bij iedereen langs om op de kamer muggenspray te spuiten en vers water te brengen. Op dat moment liggen wij al in onze pijama (en naar Bengaalse normen dus quasi naakt), maar ze merken niets van onze gêne en vervullen vrolijk hun dagtaken.

De volgende dag kluistert een hartal ons aan de geusthouse. Geen sundarbans dus, en geen andere dorpjes meer om te bezoeken. Gelukkig klaart de dichte mist van ’s morgens gauw op en zien we eindelijk eens de nabije omgeving in volle glorie: knalgroene blinkende rijstvelden met hier en daar de felle kleurtjes van een sari, alles omzoomd met bananen- en palmbomen, de verse lucht zinderend van rust en stilte - ook iets wat we al lang hebben moeten missen. Je hoorde ons dus niet klagen: in het zonnetje op de bank naast de guesthouse, in die deugddoende omgeving...

Onze volgende dag bestaat opnieuw uit bus-zitten, 13 uren lang. De bus ziet er vanbuiten niet echt koosjer meer uit (barsten in de ramen, blutsen en builen overal), maar de binnenkant is lekker ruim (zelfs naar Europese normen en vanuit mijn lange-benen-perspectief) en comfortabel. Dat is ook wel fijn, gezien de staat van de wegen hier en de rijstijl van de chauffeurs (snel, bitsig en met heeeeeel veel snerpend getoeter). Zowel op de heen- als op de terugweg, rijdt onze chauffeur zijn zijspiegel eraf tijdens een fout ingeschat voorsteekmanoeuvre. Gelukkig heb ik mijn oordopjes bij: dat schermt mij toch een beetje af van het allesdoordringende geluid van de toeter, van het gekwekkel van een vreselijke Bengaalse serie op de tv, en van het braakgeluid van enkele vrouwen op de bus (lang leve reisziektepilletjes).
Als we terug in Dhaka aankomen, lijkt het alsof we veel langer dan 4 dagen zijn weggeweest. Het is echt weer wennen aan het lawaai en de vieze lucht.

Ik heb een gesprek met Rumana, mijn contactpersoon binnen VSO voor de projecten in het noorden. Zo kom ik iets meer te weten over wat mijn placement zal zijn. Ik ben blij te horen dat het echt wel de bedoeling is dat ik de Youth Clubs HR advies ga geven, en dus veel de dorpjes in moet. DCPUK (mijn lokale werkgever) werkt nu met 4 dorpen samen, waarvan er 3 een reeds actieve Youth Club hebben en 1 een slapende. In 1 van de 3 actieve zitten sinds 1 maand enkele Britse vrijwilligers (jongeren), dus die kunnen mij alvast wat op weg helpen. Daar zal ik moeten starten met uitvlooien wat er nodig is en wat we kunnen doen. Daarvoor krijg ik 2 maanden de tijd, en dan moet ik een actieplan klaarhebben met een paar concrete voorstellen. Klinkt boeiend!
De namiddag blijft verder boeien met een lezing over klimaatsveranderingen en de impact op het leven van de doorsnee-Bengaal – gebracht door een medewerker van Oxfam. De lezing grijpt me enorm aan en verbrijzelt elk spatje naïviteit dat ik nog had rond het thema. Het geeft mij veel goesting om hier iets mee te gaan doen. Hoog tijd om op z’n minst mijn eigen verantwoordelijkheid hierin op te nemen.

Op 21 februari is het rustig in Dhaka: Bangladesh viert Mother’s Language Day en herdenkt de studenten die in 1972 gestorven zijn in de strijd voor het behoud van hun eigen moedertaal. Het doet enorm denken aan de taalstrijd in België ooit...

De dagen nadien hebben we dagelijks Banglales ’s morgens vroeg, en de meeste middagen nog een training op VSO kantoor. Waar mogelijk probeer ik op een vrije middag naar de Bagha-club te gaan, de enige plek waar je in bikini het zwembad in kan duiken. Gezien het de komende maanden steeds warmer zal worden, en die mogelijkheid er niet meer zal zijn buiten Dhaka, neem ik me voor om er hier dus van te profiteren dat dat wel nog kan. (Ik ben na 2 keer dus al iets minder melkwit dan toen ik hier aankwam.)
De avonden zijn ook goed gevuld: bezoekjes van/bij andere vrijwilligers of samen iets gaan eten. Eén van die avonden wordt plots verstoord als 1 van onze medevrijwilligers wordt beroofd door mannen op een moto: ze gritsen zijn rugzak mee en sjezen ervandoor. Gedoe en heel frustrerend!

Waar het vorige week nog fris was in Sathkira (maar tegelijk blijkbaar ook hier in Dhaka), is de temperatuur nu wel duidelijk aan het stijgen. De dagtemperaturen liggen nu doorgaans toch al rond de 31-33 °C, en dat is wel voelbaar.
Ook de onrust in Dhaka neemt merkbaar toe. Er zijn steeds meer demonstraties en protesten, en er vallen steeds meer slachtoffers. De regio waarin de opstanden doorgaans plaatsvinden breidt ook uit van Oud Dhaka over de rest van de stad.
Ons groepje vrijwilligers daarentegen wordt stukje bij beetje kleiner: we namen de voorbije week afscheid van de vrijwilligers die hier voor een korte termijn placement zijn. Zij vertrokken alvast naar hun plekje.

En zo nadert ook mijn vertrek uit Dhaka. Liesbeth en ik vertrekken allebei zondag (3 maart) - in tegenovergestelde richting - naar onze definitieve plek. Dat geeft gemengde gevoelens: enerzijds ben ik nieuwsgierig, en kijk ik uit naar “mijn eigen plek” (want hij zijn we nog steeds te gast bij Sabine en CJ en Dhaka is een soort “tussenstation”), maar anderzijds betekent het ook afscheid nemen van de andere vrijwilligers voor een tijdje, meer alleen-zijn. We weten niet waar we ons mogen aan verwachten op onze placement, dus veel mysterie...
Spannend dus! De laatste dagen hier zullen voorbij vliegen.

Vandaag – donderdag – is er opnieuw de hele dag hartal, dus dat geeft tijd om alvast wat in te pakken en een paar boodschappen te doen (als de winkels open zullen zijn tenminste). En ook om gewoon eens wat langer te slapen en te rusten.
In vergelijking met thuis doe je hier veel minder in een dag, maar dat gaat ook niet anders: alles neemt zoveel meer tijd én energie (altijd maar dat onderhandelen, tsjolen, in de file staan op ieder mogelijk uur van de dag/nacht, moeilijke communicatie, ...). Dat moet ik wel nog een beetje leren te accepteren, want in mijn hoofd wil ik nog altijd heel veel in 1 dag rond krijgen...

De volgende keer kan ik jullie vertellen waar ik echt woon de komende 8 maanden. Ik ben zeker even benieuwd als jullie...
Tot dan!

Geplaatst door LienVerbeke 10:54 Gearchiveerd in Bangladesh

Email deze blog postFacebookStumbleUpon

Inhoudsopgave

Reacties

Ha die Lien, mooi staaltje schrijfwerk! We maken er een mooi afscheidsweekend van. Ik blijf je volgen en hoop je snel weer te zien in Dhaha! Superveel succes op je placement.

Groetjes!
Sabine

door Sabine Mol

wat een mooi verhaal ben zeer geintreseerd naar jullie ervaringen groet Kees en Ans vanoosten

door kees van oosten

Deze blog bericht is nu gesloten voor reacties van niet-leden van Travellerspoint. Je kan nog wel een reactie achter laten als je lid bent van Travellerspoint.

Vul hier jouw Travellerspoint login details in

( Wat is dit? )

Als je nog geen lid van Travellerspoint bent, kun je gratis lid worden.

Word lid van Travellerspoint